Dit is les 3 van de 5. De lessen bouwen op elkaar voort, dus je haalt er het meeste uit als je bij het begin start.
Naar les 1: Waarom zij het verschil maaktLes 3 · De koningin
Leggende werksters
3 min lezen
Je vindt broed in een volk dat je waande. Opgelucht? Kijk eerst nog eens goed naar de cellen.
Als de dekseltjes bol staan en er meerdere eitjes in één cel liggen, is dit geen goed nieuws maar het slechtste stadium van moerloosheid.
Blijft een volk een week of twee, drie zonder koningin en zonder broed, dan valt de onderdrukking weg die het van de koningin en van open broed uitoefent. Er zit geen klok in: het ene volk begint eerder dan het andere. Bij een aantal werksters komen de eierstokken op gang en die gaan leggen. Ze zijn nooit gepaard, dus hun eitjes zijn onbevrucht, en daaruit komen alleen .
Twee dingen verraden het. Er liggen vaak meerdere eitjes in één cel, scheef tegen de wand, omdat een werkster een korter achterlijf heeft en niet tot de bodem komt. En het broed is darrenbroed op plekken waar werksterbroed hoort: bolle dekseltjes verspreid over het hele raam, midden tussen de werkstercellen.
Dat eerste is het duidelijkst als je het naast een normaal beeld legt. Een koningin legt één eitje per cel, netjes tot op de bodem; een werkster komt met haar kortere achterlijf niet zo diep.


Dit is lastig te herstellen, en daar zijn twee redenen voor. Er zijn niet één maar tientallen leggende werksters, en je kunt ze niet uit elkaar houden van de rest. En zo'n volk gedraagt zich alsof het een koningin heeft: het accepteert een ingevoerde koningin meestal niet en doodt haar.
De meest gebruikte oplossing is dan ook geen reparatie maar een afweging. Een volk met leggende werksters wordt zelden nog een goed volk. Vaak is samenvoegen met een sterk volk de verstandigste keuze, of het volk opgeven en de redden. Wat sommige imkers proberen is het volk op enige afstand uitschudden, zodat de terugkeren en de leggende werksters achterblijven, maar de resultaten daarvan zijn wisselend.
Zo redeneert een ervaren imker bij dat beeld:
- 1.
Dit zie ik: bolle dekseltjes verspreid over de ramen en drie eitjes in sommige cellen.
- 2.
Dit zegt mij: hier leggen werksters, dus dit volk is al weken moerloos.
- 3.
Dit weet ik nog niet: hoeveel bijen er nog over zijn en of het de moeite waard is.
- 4.
Daarom controleer ik: hoeveel ramen er nog bezet zijn en hoe oud die bijen zijn.
- 5.
Op basis daarvan besluit ik: samenvoegen als er nog wat zit, en anders opruimen.
Het echte punt van deze les zit ergens anders: dit stadium bereik je alleen als moerloosheid weken onopgemerkt blijft. Wie elke twee weken naar moergoed kijkt, komt hier nooit.
Even controleren of je het begrijpt
Wat leert het bestaan van leggende werksters je vooral over je eigen manier van werken?
Maak een gratis account om deze les als afgerond te markeren.
