Naar de inhoud
Imkerplein

Dit is les 3 van de 7. De lessen bouwen op elkaar voort, dus je haalt er het meeste uit als je bij het begin start.

Naar les 1: Koningin, werkster en dar

Les 3 · De honingbij en het bijenvolk

Een werkster verandert van baan

3 min lezen

Je ziet twee werksters op hetzelfde raam: de één poetst een lege cel schoon voordat de koningin er een eitje in legt, de ander komt net terug met volle aan haar poten. Zijn dit twee soorten werksters, of dezelfde bij op een ander moment in haar leven?

De vijf taken van een werkster op volgorde van leeftijd, van cellen poetsen tot haalbij
Illustratie: welke taken een werkster doet, en op welke leeftijd.

Een werkster verandert meerdere keren van taak in haar korte leven, en dat gaat grotendeels op leeftijd, niet op toeval. De eerste dagen na het uitkomen, ruwweg dag nul tot drie, poetst ze cellen schoon en houdt ze broed warm. Rond dag drie tot twaalf werken haar voerklieren, kliertjes in de kop, goed genoeg om en later aan larven te voeren; in deze fase heet ze een . Daarna, ongeveer dag twaalf tot achttien, gaat ze bouwwas produceren met klieren aan de onderkant van haar achterlijf en honing verwerken. Rond dag achttien tot eenentwintig staat ze bij het op wacht, waar ze binnenkomende bijen op geur controleert en indringers weghoudt. Pas in de laatste periode van haar leven, meestal vanaf dag eenentwintig, vliegt ze naar buiten om , stuifmeel, water of hars te halen: het gevaarlijkste werk, en daarom het laatste.

Die volgorde is geen strikte wet: als een volk plotseling weinig heeft, bijvoorbeeld na een periode met slecht weer of een vergiftiging, kunnen jongere bijen eerder gaan vliegen dan gebruikelijk. Het volk past de taakverdeling aan wat er op dat moment nodig is, niet alleen aan de kalenderleeftijd van elke bij. Precies dat maakt het systeem zo veerkrachtig: er is geen aparte reserveploeg, maar wel duizenden bijen die, indien nodig, een stap eerder kunnen doorschuiven.

Zo redeneert een ervaren imker bij een opvallend rustig vlieggat op een mooie dag:

  1. 1.

    Dit zie ik: weinig vliegverkeer bij het vlieggat, terwijl het warm en droog is en er in de omgeving zit.

  2. 2.

    Dit zegt mij: er zijn minder haalbijen actief dan je op zo'n dag zou verwachten.

  3. 3.

    Dit weet ik nog niet: of dit komt doordat het volk klein is, of doordat de leeftijdsopbouw scheef zit, bijvoorbeeld na een recente verzwakking.

  4. 4.

    Daarom controleer ik: de algehele volksterkte en of er de laatste weken iets is gebeurd dat veel bijen heeft gekost.

  5. 5.

    Op basis daarvan besluit ik: als het volk verder gezond is, gewoon een paar dagen aankijken, want het kan zichzelf herstellen door jongere bijen eerder te laten vliegen.

Even controleren of je het begrijpt

Je ziet een bij die nog nooit buiten is geweest voer doorgeven aan een larve. Hoe oud is ze ongeveer?

Maak een gratis account om deze les als afgerond te markeren.