Naar de inhoud
Imkerplein

Raten opslaan zonder wasmot: koud, tochtig en licht

Imkerplein3 min lezen 1 lezer

Oktober is opruimmaand. De honingkamers zijn eraf, er blijven ramen over, en die moeten ergens heen tot het voorjaar. Precies daar gaat het bij veel imkers één keer flink mis, en daarna nooit meer.

Wat er gebeurt als je niets doet

De grote legt eitjes in opgeslagen . De larven vreten gangen door de was, en ze hebben een sterke voorkeur voor raat waar broed in heeft gezeten, omdat daar eiwitrijke resten in achterblijven. Wat je in maart terugvindt is dan geen raat meer maar een dichte massa spinsel met gangen erdoor, en die ramen kun je weggooien.

In een sterk volk gebeurt dat niet: de bijen houden de wasmot er zelf uit. Het probleem ontstaat alleen bij raat die apart staat, zonder bijen erbij.

De regel: koud, tochtig en licht

Wasmotlarven willen het warm, donker en windstil. Alles wat dat wegneemt, werkt.

  • Koud. Onder een graad of tien komt de ontwikkeling vrijwel stil te liggen. Een onverwarmde schuur of een open afdak is meestal genoeg in een Nederlandse winter.
  • Tochtig. Zet ramen niet stapelbak op stapelbak dicht op elkaar, maar zorg dat er lucht langs kan. Sommige imkers zetten de bakken kruislings op elkaar, met een rooster boven en onder.
  • Licht. Wasmot houdt niet van licht. Een ruimte met een raam werkt beter dan een donkere kast.

Wat níét werkt is de meest voorkomende fout: ramen in een gesloten bak in een warme schuur zetten, met de gedachte dat ze daar veilig staan. Dat is precies de kraamkamer die een wasmot zoekt.

Invriezen als het echt moet

Heb je vermoedens, of wil je zeker zijn, dan is invriezen de betrouwbaarste methode. Een etmaal bij ongeveer min achttien graden doodt eitjes, larven en poppen. Daarna moet de raat wel droog en koud verder bewaard worden, want opnieuw besmet raken kan gewoon.

Praktisch bezwaar: er passen niet veel ramen in een gewone diepvries. Voor een paar bijzondere ramen is het prima te doen, voor een hele stapel meestal niet.

Welke raat je niet moet bewaren

Dit is een goed moment om streng te zijn. Raat wordt met de jaren donker en dat is niet alleen cosmetisch: er hopen zich resten en eventuele ziektekiemen in op, en de cellen worden effectief kleiner door de achtergebleven cocons.

De gangbare vuistregel is om broedraat na een aantal jaren te vervangen. Donkere, bijna zwarte raat hoort niet terug in de kast maar in de wassmelter. Dat voelt als verlies, maar je krijgt er was voor terug en je begint het seizoen met schone bouw.

Beschimmelde raat, raat met veel darrencellen op de verkeerde plek, en raat die scheef of kapot is: hetzelfde. Bewaar wat je volgend jaar echt wilt gebruiken en niet meer.

Wat je met de was doet

Uitgesmolten was kun je inleveren bij veel leveranciers en inruilen tegen kunstraat, of zelf gebruiken voor kaarsen en zalf. Bewaar de smeltwas apart van de mooie honingwas van ontzegeldeksels; die laatste is veel schoner en er is meer mee te doen.

En dan is het klaar

Als de ramen staan, de was is uitgesmolten en de lege kasten schoon zijn, is het buiten seizoen ook zo goed als voorbij. De kast winterklaar maken is dan de laatste handeling, en daarna wordt het maandenlang stil.

Dat is precies het goede moment om te bedenken wat je volgend jaar anders wilt doen, want in mei heb je die tijd niet meer.

Had je hier iets aan?

Ken je iemand die hier iets aan heeft?

WhatsAppE-mail

Reacties

Log in om te reageren. Heb je een vraag die verder gaat dan dit artikel? Stel hem op het forum, daar zien meer imkers hem.

Dit artikel is algemene informatie, geen professioneel advies. Controleer bij bijenziekten, diergeneesmiddelen en wetgeving altijd de actuele officiële voorschriften.