Een nest van de Aziatische hoornaar opsporen · stap voor stap met wiekpotten
Een Aziatische hoornaar melden kost vijf minuten. Maar een melding van één los dier zegt niet zoveel, want dat beest kan uit een nest komen dat een kilometer verderop hangt. Wat echt helpt is een gevonden nest.
En daar zit het probleem. Een secundair nest hangt in de zomer verscholen tussen het blad, tien tot vijftien meter hoog, en wordt meestal pas zichtbaar na de bladval in oktober of november. Tegen die tijd zijn de jonge koninginnen al uitgevlogen en heeft het nest zijn werk gedaan.
Daarom peilen imkers en vrijwilligers nesten uit tijdens het seizoen zelf, met een methode die verrassend eenvoudig is: een jampot, een lapje, een fles bier en een horloge. Dit artikel legt uit hoe dat werkt, stap voor stap.
Eerst dit: wat je hiermee wel en niet doet
De wiekpot wordt vaak verward met een vangval, en dat is hij niet.
- Een wiekpot vangt niet en doodt niet. De wiek steekt door het deksel, zodat een hoornaar bij het lokmiddel kan zonder erin te verdrinken. Dat is precies de bedoeling: je hebt een levend dier nodig dat terugvliegt naar het nest.
- Het doel is richting en afstand, niet aantallen. Je wilt weten waar het nest hangt.
- Je gaat het nest daarna nooit zelf bestrijden. Dat is werk voor een gespecialiseerd bedrijf, en de reden staat verderop.
Doodvallen met open vloeistof doen het tegenovergestelde van wat je wilt. Ze vangen vooral zweefvliegen, wespen, vlinders en kevers, en het handjevol hoornaars dat erin verdrinkt kan je niets meer vertellen.
Wanneer werkt het, en wanneer niet
De methode drijft op één ding: dat een hoornaar zin heeft in suiker. Dat verandert door het seizoen.
- Mei tot en met juli · de beste periode. De werksters halen dan volop koolhydraten voor zichzelf en komen makkelijk op de pot af. In het voorjaar kun je zo ook primaire nesten opsporen, die nog klein zijn en laag hangen.
- Vanaf augustus · lastiger. Het nest zit dan vol larven en de werksters gaan vooral op eiwit jagen, dus op vlees en op bijen. Ze reageren minder op een zoete pot. In deze periode is observeren bij je eigen bijenstand vaak effectiever.
- Weer · rustig, droog en zonnig. Bij harde wind of regen vliegen ze weinig en klopt je vliegtijd niet meer.
Wat je nodig hebt
- Een glazen pot met schroefdeksel · een lege honingpot is ideaal
- Een lapje katoen of een geel huishouddoekje voor de wiek
- Een spijker of priem om een gaatje in het deksel te maken
- Blond bier, witte wijn en suiker · of kant-en-klare wespenlokstof
- Verfstiften in een paar kleuren, bijvoorbeeld posca-stiften
- Een merkbuisje of vangbuisje met een zachte plunjer
- Een horloge of de stopwatch op je telefoon
- Een kompas · dat zit ook in je telefoon
- Een kaart of een kaart-app waar je op kunt tekenen
Bij elkaar ben je een uurtje kwijt en een paar euro.
Stap 1 · De wiekpot maken
Maak met een spijker een gaatje in het deksel, net groot genoeg om het lapje er doorheen te trekken. Trek de wiek zover door dat hij tot op de bodem van de pot hangt en er aan de bovenkant twee tot drie centimeter uitsteekt.
Vul de pot voor de helft met lokmiddel en draai het deksel erop. De vloeistof trekt vanzelf in de wiek omhoog. De hoornaar drinkt van de natte punt en heeft geen contact met de vloeistof zelf.
Een pot met een breed deksel werkt beter dan een smalle fles: het dier moet ergens kunnen landen.
Stap 2 · Het lokmiddel
Het basisrecept is gelijke delen:
1.blond bier
2.witte wijn
3.suiker
Dus een derde, een derde, een derde. Een veelgebruikte variant vervangt de suiker door grenadine, wat wat sneller lijkt te werken. Kant-en-klare wespenlokstof, zoals Trappit, doet het ook goed en scheelt gedoe.
Waarom bier en wijn? Omdat het gist en licht alcoholisch is. Dat is precies waar hoornaars en wespen op afkomen, terwijl honingbijen er nauwelijks in geïnteresseerd zijn. Je lokt dus wel je doelwit maar niet je eigen volk.
En daarom ook: gebruik geen honing als lokmiddel. Twee redenen, en allebei zwaarwegend. Je trekt er je eigen bijen mee aan in plaats van hoornaars. En open honing van onbekende herkomst is de klassieke manier om te verspreiden.
Stap 3 · Waar hang je hem op
Hang de pot op schouderhoogte, op een open en zonnige plek waar je van drie kanten zicht op hebt. Je moet straks kunnen zien in welke richting een dier wegvliegt, en dat lukt niet als er meteen een schutting of een heg in de weg staat.
Goede plekken zijn vlakbij planten waar hoornaars toch al op afkomen:
- Dwergmispel · juni en juli
- Sneeuwbes · de hele zomer
- Klimop · in het najaar, als er verder weinig bloeit
- Fruitbomen en vallend fruit · augustus en september
- Je eigen bijenstand · als je daar jacht ziet voor het
Hang hem niet naast een terras, een zandbak of een looproute. Je wilt hoornaars naar een plek trekken waar je rustig kunt staan kijken, niet naar de tuin waar de kleinkinderen spelen.
Heb geduld. Soms staat er binnen een half uur eentje op, soms duurt het twee dagen. Vul bij als de pot leegraakt of het lokmiddel indroogt.
Stap 4 · Hoornaars merken
Dit is de stap die de meeste mensen overslaan, en precies de stap die het verschil maakt tussen meten en gokken.
Zonder merkteken weet je niet of de hoornaar die na drie minuten terugkomt dezelfde is als die wegvloog. Misschien is het een tweede dier uit hetzelfde nest, misschien uit een heel ander nest. Je vliegtijd is dan waardeloos.
Zo doe je het:
1.Zet het merkbuisje voorzichtig over het dier terwijl het drinkt
2.Duw de plunjer aan tot de hoornaar niet meer kan draaien, maar niet verder
3.Zet een stip op het borststuk met een verfstift
4.Laat de verf een halve minuut drogen
5.Laat het dier op de pot uitlopen
Gebruik per hoornaar een andere kleur, dan kun je meerdere dieren tegelijk volgen. Werk rustig, zonder schokken. Een hoornaar bij de pot is met eten bezig en steekt alleen als hij zich klem voelt zitten.
Stap 5 · Meten
Vanaf nu let je op twee dingen.
De vliegrichting. Kijk waar het dier verdwijnt en pak je kompas. Noteer de richting in graden, niet als "die kant op". Over een paar honderd meter maakt tien graden verschil al tientallen meters uit.
De vliegtijd. Start je stopwatch op het moment dat het dier wegvliegt en stop hem zodra het weer op de pot zit. Die tijd is heen, lossen bij het nest, en terug.
De vuistregel die overal gebruikt wordt:
Eén minuut vliegtijd komt overeen met ongeveer honderd meter afstand tot het nest.
Dus drie minuten is grofweg driehonderd meter. Het is een vuistregel en geen meting: tegenwind, een omweg om een bosrand heen of een dier dat onderweg blijft hangen maken de tijd langer. Daarom:
- Neem minstens vijf metingen per gemerkt dier
- Gebruik de kortste betrouwbare tijd, want elke onderbreking maakt hem alleen maar langer
- Zeg liever "tussen 200 en 400 meter" dan een precies getal waar je op gaat vertrouwen
Stap 6 · Uitpeilen
Nu wordt het meetkunde. Teken op een kaart een lijn vanaf je pot in de gemeten richting, en zet op de geschatte afstand een cirkel.
Verplaats daarna de pot een paar honderd meter, het liefst dwars op die lijn, en doe het opnieuw. Waar de twee richtingen elkaar kruisen, hangt het nest. Met een derde punt weet je het vrij zeker. Dat is triangulatie, en het is hetzelfde principe waarmee je met twee peilingen een schip op zee plaatst.
Een tweede manier is de verhuismethode: je schuift de pot telkens honderd tot tweehonderd meter op in de gevonden richting en meet opnieuw. De vliegtijd wordt korter naarmate je dichterbij komt. Zit je onder de minuut, dan hangt het nest binnen honderd meter.
Kijk vanaf dat moment omhoog in plaats van naar je pot. Zoek de vliegroute tegen de lucht, het beste met een laagstaande zon in je rug. Een verrekijker helpt enorm. Nesten zitten vaak hoog in een boom, maar ook in een heg, onder een dakrand of in een schuur.
Stap 7 · Melden en registreren
Heb je een nest gevonden, of ook maar een sterk vermoeden, meld het dan. Zelf niets doen, ook niet erheen klimmen om zeker te weten of het er een is.
In Nederland
Meld via waarneming.nl/go/vespa-velutina. Dat is de plek waar het thuishoort: het EIS Kenniscentrum Insecten beoordeelt de melding en geeft hem door aan de provincie. Een melding kan ook zonder account.
Zet erbij:
- Een foto, ook als hij niet scherp is
- De locatie zo precies mogelijk · een speld op de kaart is beter dan een straatnaam
- De hoogte en waar het nest precies in zit, als je dat kunt zien
- Je eigen contactgegevens, zodat men kan terugbellen
Houd er rekening mee dat een melding niet automatisch betekent dat het nest wordt weggehaald. Het beleid is in 2026 versmald: provincies laten nog vooral nesten verwijderen die een concreet risico vormen, en per provincie en per gemeente verschilt wie het betaalt en wie het uitvoert. Kijk op de site van je provincie of gemeente wat daar geldt. Je melding telt ook als het nest blijft hangen, want zonder meldingen weet niemand waar de soort zit.
In België
Meld via vespawatch.be, dat aansluit op waarnemingen.be. De opvolging loopt daar via erkende bestrijders.
Sluit je aan bij een zoekgroep
In steeds meer regio's zijn groepen imkers en vrijwilligers die dit samen doen. Zij hebben de merkbuisjes al liggen, kennen het gebied en hebben de metingen van vorig jaar. Eén middag meelopen leert je meer dan dit hele artikel. Vraag ernaar bij je imkervereniging.
Wat je vooral niet doet
- Een nest zelf bestrijden. Een verstoord nest activeert honderden dieren tegelijk, ze kunnen meerdere keren steken en ze achtervolgen je tot ver van het nest. De meeste ongelukken gebeuren bij nesten die laag hangen en er onschuldig uitzien.
- Water erop spuiten, een zak eromheen, een ladder erbij. Elk jaar gaat dit ergens mis.
- Doodvallen met open vloeistof plaatsen. De bijvangst aan zweefvliegen en vlinders is groot en het levert je niets op.
- Honing als lokmiddel gebruiken. Zie hierboven.
- Op andermans grond gaan meten zonder het te vragen. Je staat straks met een verrekijker naar een boom te turen; even aanbellen scheelt een ongemakkelijk gesprek.
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt het voordat er een hoornaar op de wiekpot komt?
Dat loopt sterk uiteen. Op een goede plek in juni staat er soms binnen een half uur eentje op. Zit je verkeerd, dan kan het dagen duren. Laat de pot rustig staan en vul hem bij; verplaats hem pas na een dag of twee als er niets komt.
Werkt de methode ook als ik maar één pot heb?
Deels. Met één pot krijg je een richting en een schatting van de afstand, en dat is al waardevol bij een melding. Voor een echte plaatsbepaling heb je een tweede en liefst derde meetpunt nodig, of je verplaatst dezelfde pot steeds een stuk op in de gevonden richting.
Trek ik met een wiekpot juist extra hoornaars naar mijn bijenstand?
Je trekt aan wat er al is. Een wiekpot lokt geen hoornaars uit een ander gebied naartoe; hij maakt zichtbaar wat er in de buurt rondvliegt. Wil je toch afstand houden, hang hem dan enkele tientallen meters van je kasten.
Mag ik een hoornaar vangen en merken?
De Aziatische hoornaar staat op de Europese lijst van invasieve uitheemse soorten en is niet beschermd. Merken en loslaten voor onderzoek en opsporing is gangbare praktijk bij zoekgroepen. Let wel goed op dat je zeker weet welke soort je voor je hebt: de Europese hoornaar is wél beschermd en mag je niet vangen of bestrijden.
Wat als ik het nest vind maar niemand haalt het weg?
Dat kan gebeuren, zeker sinds provincies alleen nog nesten met een concreet risico laten verwijderen. Je melding blijft dan toch nuttig, want zij bepaalt mede het beeld van de verspreiding. Ligt het nest op je eigen terrein en wil je het toch weg hebben, dan kun je een gespecialiseerd bestrijder inschakelen; reken op negentig tot tweehonderd euro afhankelijk van hoogte en bereikbaarheid.
Kan ik hier ook een camera of drone voor gebruiken?
Voor het volgen van vliegroutes zijn drones geprobeerd, met wisselend succes. Een verrekijker en geduld zijn voor de meeste mensen praktischer. Vlieg in elk geval nooit een drone op een nest af: dat is gevaarlijk voor het toestel en voor iedereen eronder.
Tot slot
Uitpeilen is een vaardigheid, geen truc. De eerste keer duurt een middag en levert misschien niets op. De tweede keer weet je waar je op moet letten, en de derde keer sta je opeens onder een boom met een nest erin.
Het mooie is dat het gereedschap niets voorstelt. Een jampot, een lapje en de bereidheid om een uur stil te staan kijken. Dat is genoeg om iets te vinden dat vanuit een auto of vanachter een bureau onvindbaar is.
Wil je weten hoe je de Aziatische hoornaar herkent en van de Europese onderscheidt, lees dan eerst ons artikel over herkennen en melden. Wat hij met je volken doet en hoe je je kasten beschermt, staat in het artikel voor imkers.
Heb je zelf uitgepeild, of loop je ergens op vast? Deel het op het forum onder Bijengezondheid & Ziekten. Metingen uit verschillende hoeken van het land zijn precies wat deze aanpak beter maakt.