Dit is les 2 van de 7. De lessen bouwen op elkaar voort, dus je haalt er het meeste uit als je bij het begin start.
Naar les 1: Welke kast je kiestLes 2 · De kast, je gereedschap en veilig werken
Broedkamer en honingkamer
2 min lezen
Je volk zit in mei op acht van de tien ramen en je krijgt te horen dat je "ruimte moet geven". Je zet een bak bovenop. Maar welke bak, en waarvoor eigenlijk?
Dat hangt af van welk probleem je oplost, en dat zijn er twee die op elkaar lijken.
Een kast is een stapel bakken met een taakverdeling. Onderin woont het volk: daar zit het , daar legt de koningin, daar hangt de voorraad die het volk zelf nodig heeft. Dat is de broedkamer. Daarboven komt wat jij eventueel oogst: de .
Het probleem "de koningin heeft geen plek meer om te leggen" los je op met broedruimte. Het probleem "de bijen kunnen hun nergens kwijt" los je op met honingruimte. Die twee vragen om een bak op een andere plek, en ze komen niet altijd tegelijk.
Ruimte te vroeg geven kost het volk warmte: een klein volk moet dan een grotere ruimte op temperatuur houden, en dat gaat ten koste van de groei. Te laat geven kost je honing, of erger, het zet het volk aan het denken over . Tussen die twee zit maar een smalle marge, in de praktijk vaak niet meer dan een week, en dat is precies waarom ruimte bij elke controle een vaste vraag is. Hoe smal die marge is verschilt met de , het weer en de sterkte van het volk.
Een praktische regel die veel imkers aanhouden: geef ruimte als zeven of acht van de tien ramen goed bezet zijn. Niet als het vol is, want dan ben je te laat.
Zo redeneert een ervaren imker bij dat volk op acht ramen:
- 1.
Dit zie ik: acht bezette ramen, broed tot in de hoeken, en verse nectar in de bovenste cellen.
- 2.
Dit zegt mij: er wordt gehaald en de koningin komt ruimte tekort.
- 3.
Dit weet ik nog niet: of dit volk vooral legruimte of vooral opslagruimte mist.
- 4.
Daarom controleer ik: hoeveel van die ramen broed zijn en hoeveel voorraad.
- 5.
Op basis daarvan besluit ik: broedruimte erbij als het broed klemzit, en anders een honingkamer.
Het onderscheid klinkt schools, maar het is het verschil tussen een volk dat doorgroeit en een volk dat in mei besluit dat het hier vol genoeg is geweest.
Even controleren of je het begrijpt
Begin april. Je volk zit op vier van de tien ramen en groeit. Een medeimker zegt: zet er nu alvast een bak op, dan ben je op tijd. Wat is daarvan het risico?
Maak een gratis account om deze les als afgerond te markeren.
