Naar de inhoud
Imkerplein

Dit is les 2 van de 6. De lessen bouwen op elkaar voort, dus je haalt er het meeste uit als je bij het begin start.

Naar les 1: Waarom een volk zwermt

Les 2 · Zwermen en zwermbeheersing

De klok die gaat lopen

3 min lezen

Tijdlijn van een zwermdop: dag nul een eitje, dag acht verzegeld
Dag acht is het punt waarop je te laat bent

Iemand zegt dat je in de zwermtijd elke zeven dagen moet controleren. Waarom precies zeven, en niet acht of tien?

Omdat de bijen dat getal bepalen en niet de imker.

Als een volk besluit te , legt de koningin eitjes in aan de onderrand van de . Vanaf dat eitje duurt het een dag of acht tot de cel wordt ; sommige bronnen houden negen aan, afhankelijk van of je de dag van leggen meetelt. En verzegeld is het punt dat telt: normaal gesproken vertrekt de oude koningin met de zwerm zodra de eerste cellen dicht zijn. Ze wacht niet tot de jonge koningin uitloopt, ze wacht tot de opvolging veilig onderweg is.

Reken dat om naar controles. Controleer je om de zeven dagen, dan is een dop die er bij je vorige bezoek nog niet was, nu hooguit zeven dagen oud en dus nog open. Je ziet hem, en je kunt handelen. Controleer je om de tien dagen, dan kan een dop in de tussentijd zijn ontstaan én verzegeld, en is de zwerm mogelijk al weg voordat je de kast opendoet.

Zeven dagen is dus geen gewoonte maar een marge op een ontwikkeling die maar een dag of acht duurt. Dat is ook waarom de regel zo hardnekkig is: hij is niet met de natte vinger bedacht. Lees hem alleen niet als een stopwatch waar de bijen zich aan houden. De ontwikkeling in de cel ligt redelijk vast, het moment van vertrek niet.

Twee dingen maken het in de praktijk lastiger. Het weer schuift van alles op: jouw controle, maar ook het vertrek zelf. Bij aanhoudende regen wacht een volk soms dagen met verzegelde cellen in de kast, en op de eerste warme dag daarna kan het op je hele stand tegelijk losbarsten. En doppen zitten op plekken waar je niet vanzelf kijkt: aan de onderrand van de raten, soms weggestopt achter bijen. Je moet het raam echt optillen en de onderkant bekijken.

Zo redeneert een ervaren imker die een week is overgeslagen:

  1. 1.

    Dit zie ik: het is elf dagen geleden dat ik hier keek, en er zitten drie verzegelde doppen.

  2. 2.

    Dit zegt mij: de kans is groot dat de oude koningin al weg is.

  3. 3.

    Dit weet ik nog niet: of ze er nog is, want verzegeld betekent niet altijd vertrokken.

  4. 4.

    Daarom controleer ik: of ik eitjes vind, want die bewijzen dat er de afgelopen drie dagen is gelegd.

  5. 5.

    Op basis daarvan besluit ik: geen eitjes betekent gezwermd, en dan is de vraag welke doppen ik laat staan.

De belangrijkste zwermtijd loopt in Nederland en België grofweg van eind april tot eind juni. Grofweg, want een volk houdt zich niet aan de kalender: ook in juli en soms nog later kan er gezwermd worden. Binnen die periode is elke tien dagen een gok. Daarbuiten mag het rustiger aan, maar helemaal stoppen terwijl een volk nog sterk is en er nog is, is vragen om een zwerm in juli.

Even controleren of je het begrijpt

Waarom is zeven dagen het interval voor zwermcontrole?

Maak een gratis account om deze les als afgerond te markeren.